Japan
HOOFDSTAD
Tokyo
TAAL
Japans
VALUTA
Japanse Yen
VLIEGTIJD
13,5 uur
Dan denk je dat je al veel van de wereld hebt gezien…
Tot je ineens in Japan staat.
Ik heb heel wat landen waar ik verliefd op ben, maar op Japan werd ik écht verliefd (en Japan een beetje op mij — maar dat terzijde 😉).
Oké, het duurde iets (zeg maar: 7 uur) langer dan gepland door vertraging.
Maar hé, daardoor had ik wel een onverwachte middag in Hongkong.
Niet verkeerd als tussenstop.
Mijn avontuur begon in Tokyo.
En de volgende ochtend, toen ik wakker werd, moest ik het even hardop zeggen: IK BEN IN TOKYO!
Wat een energie. Wat een leven. De business-mensen die zich haastloos haasten, de ongelooflijke netheid en structuur, het eten dat altijd klopt…
Alles voelt zó anders, zó intens, zó levend.
Het is alsof je in een andere realiteit bent beland: efficiënter, vriendelijker, en met beter eten.
Vanaf daar maakte ik een rondreis: Van Tokyo naar Hakone, voor de onsen, de bergen en het beroemde zwarte ei (dat je zeven jaar extra leven schijnt te geven ik heb er twee gegeten).
Daarna door naar Kyoto, voor het eten (zó veel en zó goed), de prachtige shrines, Nishiki Market en de stilte in de vroege ochtend in een tempeltuin.
Vervolgens naar Takayama, midden in de Japanse Alpen, voor de serene sfeer, de beste Wagyu beef die ik ooit heb gehad en de gezellige ochtendmarkt waar de tijd nét iets langzamer lijkt te gaan.
En uiteindelijk weer terug naar Tokyo, alsof de cirkel rond was, alleen keek ik inmiddels compleet anders naar dit land.
Japan pakt je beet zonder waarschuwing… betoverd je met elk detail…en laat je niet meer los.
Praktische zaken
- Visum: Tot 90 dagen geen visum nodig als Nederlander, maar wel vooraf registreren via Visit Japan Web voor je QR-code.
- OV: Treinen en metro’s zijn top geregeld. Gebruik een Suica/Pasmo kaart (kan digitaal op je telefoon) om overal makkelijk in- en uit te checken. Shinkansen = snel en comfortabel voor langere afstanden.
- Geld: Vuistregel: 1000 yen ≈ € 6,5 – € 7
- Internet: Veel makkelijker met een eSIM of pocket-wifi. Zo heb je altijd navigatie, OV-apps en vertaalhulp bij de hand
Uiteindelijk dus 20:30 ’s avonds aangekomen (i.p.v. 13:30) in Tokyo. Douane en bagage ging super snel (voor Aziatische begrippen!). Meteen maar het OV proberen dus de trein en metra gepakt naar de de wijk Kamata, waar mijn hotel Hotel Amanek Kamata lag. Daar aangekomen kwam ik erachter dat ik al voor de dag ervoor had geboekt, iets met tijdverschil. Heel lief, want ik kreeg deze nacht direct terug van het hotel. Spullen op mijn kamer zetten. Wat echt een Japanse kamer was, super klein en compact, maar goed wat heb je nodig (als je op reis bent). Een traditie van mij is meteen een biertje drinken in een lokaal tentje. Tegenover het hotel zat er een of ander klein Japanese casual bar met de naam Toriman Honten waar ik een lekker biertje bestelde.
De volgende dag werd ik wakker en ik besefte mij dat ik in Tokyo was! Hoppa, eruit en op onderzoek. Met mijn oud-collega en een vriendin van hem sprak ik af rond 10:00 voor een ontbijtje bij Kamata Cafe

Na het ontbijt gingen we op pad met de trein vanuit Ikegami station naar onze eerste tempelcomplex, een van de Grote Zen-tempels: Engaku-ji (円覚寺) in Kamakura. Veel samurai kwamen hier voor meditatie en training.

Na een flinke wandeling en lekker rondkijken, was het tijd voor een lunch. Dat was in die wijk niet zo heel eenvoudig want veel restaurants zaten rond die tijd dicht. Uiteindelijk kwamen terecht bij een high-end restaurant yakitoriyasmile ikegami en hier begon de eerste echte ervaring met het Japanse eten. We bestelde Sake (tot aan de rand vol en die slurp je dan van het glaasje af) met een set van aal (unagi), een zeldzame kippendeel tussen vleugel en borst, gegrild, met knapperige huid, sappig vlees en yakitori (gegrilde kip aan spiesjes), kwarteleitjes en rijst erbij.

Om half 11 stond ik bij het stadion van Tirana te wachten op de rit naar Shkodër. Ik ontmoette daar nog twee Australiërs uit Melbourne, die met mij meereisden – altijd leuk, onverwachte ontmoetingen onderweg. Rond half 1 werden we keurig afgezet bij het hotel. De hele rit was slechts 10 euro per persoon. Bizar hoe ver je hier komt voor zo weinig geld.
Na het droppen van de bagage was het tijd voor de volgende prioriteit: lunch. Want honger maakt geen gezellige reiziger. Daarna voelde ik de drang om even te sporten – onderhoud moet, ook op reis. Een klein uurtje later, rond 16:00, scheen de zon op z’n mooist en voelde ik dat het moment daar was: ik wilde naar Rozafa Castle. Daar had ik eerder over gelezen – ruïnes met uitzicht, geschiedenis met een legende, precies mijn soort plek. Alleen… ik had geen werkende simkaart en dus geen Maps. Dus dan maar op de ouderwetse manier: vragen. Iedere Albanees die ik tegenkwam zei enthousiast: “Just 10 minutes, straight ahead!” Spoiler: het was geen 10 minuten. Het werd 55. En dan moet je ook nog de heuvel op naar het kasteel zelf. Maar eerlijk? Elke zweetdruppel waard. Het uitzicht, de sfeer, het gevoel daar boven – rauw, puur en magisch.
Mijn eet- en drinkervaringen
Bij Arti’ Zanave proef je traditionele Albanese gerechten, bereid met lokaal geteelde groenten. De belangrijkste focus ligt op het ondersteunen van vrouwen in Albanië en het helpen van mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt. De opbrengst van het restaurant gaat naar vrouwencentra. De vrouwen helpen vaak zelf mee in het restaurant – als serveerster of door handgemaakte sieraden, sjaals, tassen en kleding te maken die je hier ter plekke kunt kopen. En natuurlijk gaat de volledige opbrengst naar het vrouwencentrum. Ik bestelde beef met frietjes en gegrilde groenten en natuurlijk een Albanees wijntje.
Trattoria Venezia: Ik was op zoek naar een visrestaurant, maar dat viel vies tegen dus toen kwamen ik langs deze Italiaan. Ik sloeg de menukaart open, en daar stond het: Zeebaars. Mijn ogen bleven hangen, mijn maag knikte instemmend. Keuze gemaakt. Soms vind je wat je zoekt op een plek waar je het niet verwacht. En dit was er zo één. Simpel, goed bereid, en precies wat ik nodig had.
- AT Barbs: Ik had gelezen dat je hier goed vlees kon eten, dus vol verwachting schoof ik aan. Tot mijn verrassing bleek de menukaart juist vol te staan met visgerechten. Verse zeebaars was helaas net uitverkocht, dus besloot ik voor iets bijzonders te gaan: tagliatelle met prosecco, oesters en kaviaar. Toen de ober wegliep twijfelde ik heel even aan mijn keuze… maar toen het bord voor me stond, was alle twijfel verdwenen. Wat een fantastische combinatie – elegant, vol smaak en perfect in balans. Daarbij dronk ik een glas lokale rode wijn (het leek wel op een Amarine), verrassend goed en perfect passend bij het gerecht. AT Barbs is wat mij betreft een culinaire aanrader.
Mijn overnachtingen
- Rozafa Hotel: Na een dag vol indrukken en oude stenen was het contrast haast absurd: binnenstappen in Rozafa Hotel voelde alsof ik ineens in een balzaal terechtkwam. Mijn kamer was enorm, groot genoeg om in te dansen, met een bubbelbad als kers op de taart. Luxe met een hoofdletter L. Voor Albanese begrippen is dit hotel aan de prijzige kant, maar vergeleken met Nederlandse hotels is het een buitenkans. Alles straalt grandeur uit: marmeren vloeren, een statige lobby, dikke gordijnen… een tikje over the top misschien, maar daardoor juist weer charmant. De locatie is ideaal – net aan de rand van het centrum van Shkodër, op loopafstand van talloze restaurants, bars en pleinen waar het leven zich op straat afspeelt. Een perfecte uitvalsbasis om de stad te verkennen, maar ook een plek waar je je na afloop van de dag even kunt terugtrekken in je eigen luxe bubbel.
- Oro Inn Hotel: Voor mijn tweede nacht had ik hier een kamer geboekt. Bij aankomst schrok ik even: het lag naast een enorm hotel en zag er van buiten een tikje luguber uit. Even dacht ik dat ik op de verkeerde plek was beland. Maar eenmaal binnen én een paar trappen hoger bleek het tegenovergestelde: een verrassend mooi hotel met perfecte kamers, modern en schoon. En dat allemaal op een rustige plek, net aan de rand van het centrum. Een verborgen pareltje!
Mijn activiteiten en bezichtigingen
- Rozafa Castle: Boven op een heuvel, waar de rivieren Buna en Drin samenkomen, ligt het mysterieuze Rozafa Castle. De klim omhoog is warm en ruig, maar elke stap voelt alsof je dichter bij een oud verhaal komt. Een verhaal dat me raakte. Volgens de legende werd het kasteel steeds opnieuw opgebouwd, maar viel het elke nacht weer in elkaar. Tot de drie broers die eraan werkten, besloten dat één van hun vrouwen levend moest worden ingemetseld in de muren – een offer om het bouwwerk te laten staan. Uiteindelijk werd Rozafa, de vrouw van de jongste broer, gekozen. Ze stemde ermee in, op één voorwaarde: dat haar rechteroog, haar rechterhand en haar rechterborst vrij zouden blijven, zodat ze haar kind kon blijven zien, troosten en voeden. Ik stond daar, in de ruïnes, kijkend over de stad Shkodër en de uitgestrekte vlakten, en dacht: wat laat je achter, als je ergens voor kiest? Wat offer je – bewust of onbewust – voor wat stevig moet blijven staan in je leven?
Om half 11 stond ik bij het stadion van Tirana te wachten op de rit naar Shkodër. Ik ontmoette daar nog twee Australiërs uit Melbourne, die met mij meereisden – altijd leuk, onverwachte ontmoetingen onderweg. Rond half 1 werden we keurig afgezet bij het hotel. De hele rit was slechts 10 euro per persoon. Bizar hoe ver je hier komt voor zo weinig geld.
Na het droppen van de bagage was het tijd voor de volgende prioriteit: lunch. Want honger maakt geen gezellige reiziger. Daarna voelde ik de drang om even te sporten – onderhoud moet, ook op reis. Een klein uurtje later, rond 16:00, scheen de zon op z’n mooist en voelde ik dat het moment daar was: ik wilde naar Rozafa Castle. Daar had ik eerder over gelezen – ruïnes met uitzicht, geschiedenis met een legende, precies mijn soort plek. Alleen… ik had geen werkende simkaart en dus geen Maps. Dus dan maar op de ouderwetse manier: vragen. Iedere Albanees die ik tegenkwam zei enthousiast: “Just 10 minutes, straight ahead!” Spoiler: het was geen 10 minuten. Het werd 55. En dan moet je ook nog de heuvel op naar het kasteel zelf. Maar eerlijk? Elke zweetdruppel waard. Het uitzicht, de sfeer, het gevoel daar boven – rauw, puur en magisch.
Mijn eet- en drinkervaringen
Bij Arti’ Zanave proef je traditionele Albanese gerechten, bereid met lokaal geteelde groenten. De belangrijkste focus ligt op het ondersteunen van vrouwen in Albanië en het helpen van mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt. De opbrengst van het restaurant gaat naar vrouwencentra. De vrouwen helpen vaak zelf mee in het restaurant – als serveerster of door handgemaakte sieraden, sjaals, tassen en kleding te maken die je hier ter plekke kunt kopen. En natuurlijk gaat de volledige opbrengst naar het vrouwencentrum. Ik bestelde beef met frietjes en gegrilde groenten en natuurlijk een Albanees wijntje.
Trattoria Venezia: Ik was op zoek naar een visrestaurant, maar dat viel vies tegen dus toen kwamen ik langs deze Italiaan. Ik sloeg de menukaart open, en daar stond het: Zeebaars. Mijn ogen bleven hangen, mijn maag knikte instemmend. Keuze gemaakt. Soms vind je wat je zoekt op een plek waar je het niet verwacht. En dit was er zo één. Simpel, goed bereid, en precies wat ik nodig had.
- AT Barbs: Ik had gelezen dat je hier goed vlees kon eten, dus vol verwachting schoof ik aan. Tot mijn verrassing bleek de menukaart juist vol te staan met visgerechten. Verse zeebaars was helaas net uitverkocht, dus besloot ik voor iets bijzonders te gaan: tagliatelle met prosecco, oesters en kaviaar. Toen de ober wegliep twijfelde ik heel even aan mijn keuze… maar toen het bord voor me stond, was alle twijfel verdwenen. Wat een fantastische combinatie – elegant, vol smaak en perfect in balans. Daarbij dronk ik een glas lokale rode wijn (het leek wel op een Amarine), verrassend goed en perfect passend bij het gerecht. AT Barbs is wat mij betreft een culinaire aanrader.
Mijn overnachtingen
- Rozafa Hotel: Na een dag vol indrukken en oude stenen was het contrast haast absurd: binnenstappen in Rozafa Hotel voelde alsof ik ineens in een balzaal terechtkwam. Mijn kamer was enorm, groot genoeg om in te dansen, met een bubbelbad als kers op de taart. Luxe met een hoofdletter L. Voor Albanese begrippen is dit hotel aan de prijzige kant, maar vergeleken met Nederlandse hotels is het een buitenkans. Alles straalt grandeur uit: marmeren vloeren, een statige lobby, dikke gordijnen… een tikje over the top misschien, maar daardoor juist weer charmant. De locatie is ideaal – net aan de rand van het centrum van Shkodër, op loopafstand van talloze restaurants, bars en pleinen waar het leven zich op straat afspeelt. Een perfecte uitvalsbasis om de stad te verkennen, maar ook een plek waar je je na afloop van de dag even kunt terugtrekken in je eigen luxe bubbel.
- Oro Inn Hotel: Voor mijn tweede nacht had ik hier een kamer geboekt. Bij aankomst schrok ik even: het lag naast een enorm hotel en zag er van buiten een tikje luguber uit. Even dacht ik dat ik op de verkeerde plek was beland. Maar eenmaal binnen én een paar trappen hoger bleek het tegenovergestelde: een verrassend mooi hotel met perfecte kamers, modern en schoon. En dat allemaal op een rustige plek, net aan de rand van het centrum. Een verborgen pareltje!
Mijn activiteiten en bezichtigingen
- Rozafa Castle: Boven op een heuvel, waar de rivieren Buna en Drin samenkomen, ligt het mysterieuze Rozafa Castle. De klim omhoog is warm en ruig, maar elke stap voelt alsof je dichter bij een oud verhaal komt. Een verhaal dat me raakte. Volgens de legende werd het kasteel steeds opnieuw opgebouwd, maar viel het elke nacht weer in elkaar. Tot de drie broers die eraan werkten, besloten dat één van hun vrouwen levend moest worden ingemetseld in de muren – een offer om het bouwwerk te laten staan. Uiteindelijk werd Rozafa, de vrouw van de jongste broer, gekozen. Ze stemde ermee in, op één voorwaarde: dat haar rechteroog, haar rechterhand en haar rechterborst vrij zouden blijven, zodat ze haar kind kon blijven zien, troosten en voeden. Ik stond daar, in de ruïnes, kijkend over de stad Shkodër en de uitgestrekte vlakten, en dacht: wat laat je achter, als je ergens voor kiest? Wat offer je – bewust of onbewust – voor wat stevig moet blijven staan in je leven?
Om half 11 stond ik bij het stadion van Tirana te wachten op de rit naar Shkodër. Ik ontmoette daar nog twee Australiërs uit Melbourne, die met mij meereisden – altijd leuk, onverwachte ontmoetingen onderweg. Rond half 1 werden we keurig afgezet bij het hotel. De hele rit was slechts 10 euro per persoon. Bizar hoe ver je hier komt voor zo weinig geld.
Na het droppen van de bagage was het tijd voor de volgende prioriteit: lunch. Want honger maakt geen gezellige reiziger. Daarna voelde ik de drang om even te sporten – onderhoud moet, ook op reis. Een klein uurtje later, rond 16:00, scheen de zon op z’n mooist en voelde ik dat het moment daar was: ik wilde naar Rozafa Castle. Daar had ik eerder over gelezen – ruïnes met uitzicht, geschiedenis met een legende, precies mijn soort plek. Alleen… ik had geen werkende simkaart en dus geen Maps. Dus dan maar op de ouderwetse manier: vragen. Iedere Albanees die ik tegenkwam zei enthousiast: “Just 10 minutes, straight ahead!” Spoiler: het was geen 10 minuten. Het werd 55. En dan moet je ook nog de heuvel op naar het kasteel zelf. Maar eerlijk? Elke zweetdruppel waard. Het uitzicht, de sfeer, het gevoel daar boven – rauw, puur en magisch.
Mijn eet- en drinkervaringen
Bij Arti’ Zanave proef je traditionele Albanese gerechten, bereid met lokaal geteelde groenten. De belangrijkste focus ligt op het ondersteunen van vrouwen in Albanië en het helpen van mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt. De opbrengst van het restaurant gaat naar vrouwencentra. De vrouwen helpen vaak zelf mee in het restaurant – als serveerster of door handgemaakte sieraden, sjaals, tassen en kleding te maken die je hier ter plekke kunt kopen. En natuurlijk gaat de volledige opbrengst naar het vrouwencentrum. Ik bestelde beef met frietjes en gegrilde groenten en natuurlijk een Albanees wijntje.
Trattoria Venezia: Ik was op zoek naar een visrestaurant, maar dat viel vies tegen dus toen kwamen ik langs deze Italiaan. Ik sloeg de menukaart open, en daar stond het: Zeebaars. Mijn ogen bleven hangen, mijn maag knikte instemmend. Keuze gemaakt. Soms vind je wat je zoekt op een plek waar je het niet verwacht. En dit was er zo één. Simpel, goed bereid, en precies wat ik nodig had.
- AT Barbs: Ik had gelezen dat je hier goed vlees kon eten, dus vol verwachting schoof ik aan. Tot mijn verrassing bleek de menukaart juist vol te staan met visgerechten. Verse zeebaars was helaas net uitverkocht, dus besloot ik voor iets bijzonders te gaan: tagliatelle met prosecco, oesters en kaviaar. Toen de ober wegliep twijfelde ik heel even aan mijn keuze… maar toen het bord voor me stond, was alle twijfel verdwenen. Wat een fantastische combinatie – elegant, vol smaak en perfect in balans. Daarbij dronk ik een glas lokale rode wijn (het leek wel op een Amarine), verrassend goed en perfect passend bij het gerecht. AT Barbs is wat mij betreft een culinaire aanrader.
Mijn overnachtingen
- Rozafa Hotel: Na een dag vol indrukken en oude stenen was het contrast haast absurd: binnenstappen in Rozafa Hotel voelde alsof ik ineens in een balzaal terechtkwam. Mijn kamer was enorm, groot genoeg om in te dansen, met een bubbelbad als kers op de taart. Luxe met een hoofdletter L. Voor Albanese begrippen is dit hotel aan de prijzige kant, maar vergeleken met Nederlandse hotels is het een buitenkans. Alles straalt grandeur uit: marmeren vloeren, een statige lobby, dikke gordijnen… een tikje over the top misschien, maar daardoor juist weer charmant. De locatie is ideaal – net aan de rand van het centrum van Shkodër, op loopafstand van talloze restaurants, bars en pleinen waar het leven zich op straat afspeelt. Een perfecte uitvalsbasis om de stad te verkennen, maar ook een plek waar je je na afloop van de dag even kunt terugtrekken in je eigen luxe bubbel.
- Oro Inn Hotel: Voor mijn tweede nacht had ik hier een kamer geboekt. Bij aankomst schrok ik even: het lag naast een enorm hotel en zag er van buiten een tikje luguber uit. Even dacht ik dat ik op de verkeerde plek was beland. Maar eenmaal binnen én een paar trappen hoger bleek het tegenovergestelde: een verrassend mooi hotel met perfecte kamers, modern en schoon. En dat allemaal op een rustige plek, net aan de rand van het centrum. Een verborgen pareltje!
Mijn activiteiten en bezichtigingen
- Rozafa Castle: Boven op een heuvel, waar de rivieren Buna en Drin samenkomen, ligt het mysterieuze Rozafa Castle. De klim omhoog is warm en ruig, maar elke stap voelt alsof je dichter bij een oud verhaal komt. Een verhaal dat me raakte. Volgens de legende werd het kasteel steeds opnieuw opgebouwd, maar viel het elke nacht weer in elkaar. Tot de drie broers die eraan werkten, besloten dat één van hun vrouwen levend moest worden ingemetseld in de muren – een offer om het bouwwerk te laten staan. Uiteindelijk werd Rozafa, de vrouw van de jongste broer, gekozen. Ze stemde ermee in, op één voorwaarde: dat haar rechteroog, haar rechterhand en haar rechterborst vrij zouden blijven, zodat ze haar kind kon blijven zien, troosten en voeden. Ik stond daar, in de ruïnes, kijkend over de stad Shkodër en de uitgestrekte vlakten, en dacht: wat laat je achter, als je ergens voor kiest? Wat offer je – bewust of onbewust – voor wat stevig moet blijven staan in je leven?